N-VA vormde een regering van Belgisch herstel

Vele Vlaams-nationalisten die vóór de verkiezingen al hun hoop nog op de N-VA hadden gesteld om Vlaanderen verder te ontvoogden, voelen zich diep bedrogen. Ook onafhankelijke tenoren uit de Vlaamse Beweging reageren teleurgesteld over de intrede van de diezelfde N-VA in de federale regering.

Marc Grammens verwoordde het duidelijk: “De kiezers hebben gestemd voor een Nieuw-Vlaamse Alliantie en kregen het beleid van een Nieuw-Belgische Alliantie”. Bart Maddens vroeg zich af: “Welk soort partij is de N-VA eigenlijk? Is ze nog een Vlaams-nationale partij of is ze een main-streampartij geworden?”

De diepe ontgoocheling heeft haar redenen. Het regeerakkoord bevat immers letterlijk NIETS dat Vlaanderen vooruit helpt. Charles Michel, de nieuwe eerste minister, kan dan ook triomfantelijk uitschreeuwen: “Ik ben erg trots dat ik erin ben geslaagd […] een coalitie te vormen die alle communautaire discussies voor vijf jaar in de koelkast stopt. […] Inderdaad ja, ik heb het gevoel dat ik het land heb gered.”

Er wordt met deze regering de komende jaren dus niets gedaan aan de transfers en de gigantische welvaartsoverdracht van Vlaanderen naar Wallonië, niets aan het inperken van de rol van de koning, niets om de toepassing van de taalwetten in en rond Brussel af te dwingen. En al helemaal niets omtrent verdere stappen in de staatshervorming, de realisatie van “het confederalisme”, laat  staan van de Vlaamse onafhankelijkheid. Zelfs het onschuldig opnemen in het regeerakkoord van de communautaire lege doos van artikel 195 van de Grondwet (waardoor een volgende regering een grondige staatshervorming zou kunnen doorvoeren) kon er niet af. En dat allemaal met de zegen van de N-VA.

De ‘kracht van de verandering’ door zovelen gehoopt, blijkt met andere woorden een ‘krachtige ontgoocheling’ te zijn geworden.

VB Lier-Hooikt
1

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...